Invloed ouders

Print deze pagina

Ouderfactoren, die een rol spelen bij wiegendood.

  • Roken, Na buikligging is roken van de ouders de grootste risicofactor voor wiegendood. Roken tijdens de zwangerschap beïnvloed door nicotine de hersens en heeft ook een slecht effect op de longfunctie. Omdat het uiterst moeilijk blijkt om rokende moeders te laten stoppen heeft men via de campagne: "Roken niet waar de kleine bij is" meer succes geboekt.
  • Verslavingsmiddelen tijdens de zwangerschap, Er is geen relatie met koffie drinken aangetoond. Wel is er onder zware koffiedrinkers ook meer neiging tot roken. De nadelige effecten van cocaïne zijn waarschijnlijk wat overschat. Er is veel samenhang, tussen verslaving en andere slechte leefgewoonten. Denk dan vooral aan roken, slechte verzorging en slechte voedingstoestand. Tussen verslaving en wiegendood is wanneer het roken wordt buiten beschouwing gelaten geen verhoogd risico aanwezig. Waarschijnlijk speelt ook hierbij het volgende punt een rol.
  • Ongunstige sociaal economische status, Hiermee wordt bedoeld dat wiegendood meer voorkomt bij laag opgeleide moeders ten opzichte van hoger opgeleiden. Het blijkt dat de eerste groep wel op de hoogte is van de bekende risicofactoren voor wiegendood, maar daaraan het gedrag niet aanpast. Hiermee wordt ook bedoeld het stoppen met roken, dat onder laagopgeleide moeders meer voorkomt dan onder middelbaar of hoogopgeleide ouders.
  • Leeftijd moeder, Bij moeders onder de twintig jaar is er bij de baby een hogere kans op wiegendood. Bij hen spelen echter ook vaak andere risicofactoren mee, zoals roken.
  • Rangorde in het gezin, Het eerste kind heeft een verminderd risico op wiegendood in vergelijking met volgende kinderen. Uit onderzoek komt naar voren dat er bij de tweede en derde kinderen die overleden aan wiegendood meer risicofactoren aanwezig bleken dan bij de eerste kinderen. Wanneer de risicofactoren worden weggelaten is er geen verschil meer met de rangorde in het gezin.
  • Psychiatrische afwijkingen/ depressie, Uit buitenlands onderzoek zou blijken dat het voorkomen van depressie bij moeders meer tot wiegendood leidt.
  • Etnische verschillen, De verschillen in de cultuur waarop ouders kinderen verzorgden, maakten dat er vroeger meer wiegendood voorkwam bij Turkse- en Marrokaanse kinderen vergeleken met de autochtone bevolking. Waarschijnlijk door voorlichting is het aantal kinderen uit deze groep gelijk afgenomen met de allochtone bevolking.

 

© Mijn Kinderarts 2010