Melding van kindermishandeling

Print deze pagina

Uit een enige jaren geleden gehouden enquête blijkt dat een groot aantal personen vermoedens heeft van kindermishandeling. Van degenen die vermoedens hebben, gaat ongeveer 30% met de ouders of het kind praten, 20% stapt naar de politie of doet een melding bij het Advies en Meldpunt Kindermishandeling maar de rest doet niets.

Redenen om niets te doen waren in dit onderzoek: 1. Te weinig aanwijzing, 2. wil me er niet mee bemoeien, 3. ik ben bang voor de reactie van de ouders, of 4. angst om iemand valselijk te beschuldigen.

Alle beleid is er op gericht het mishandelen zo snel mogelijk te stoppen. Hoe eerder er aan de bel wordt getrokken hoe eerder het kind uit zijn benarde situatie kan worden bevrijd. Sommige kinderen bevinden zich letterlijk in doodsnood. Bedenk altijd dat het kind zelf, zeker als het nog om een jong kind gaat, niet in staat is om zelf om hulp te vragen.

Welke wegen zijn er als u het idee heeft dat ergens sprake is van kindermishandeling?

In eerste instantie zult u het wellicht bespreken met uw partner, of met een van de ouders van het kind. U kunt ook bij anderen informeren of zij signalen hebben opgevangen. Vaak zien veel mensen iets maar wachten ze allemaal af.Toch zien veel mensen de dingen wel goed. Zo blijkt dat van de meldingen die worden gedaan bij het AMK ruim 80% gegrond blijkt te zijn.

U kunt als u het idee heeft dat er heel snel iets moet gebeuren omdat het kind ernstig lichamelijk bedreigd wordt altijd contact opnemen met de politie. De door de overheid gemaakte site www.watkanikdoen.nl helpt u vast ook goed.

U kunt altijd uw zorg of twijfel wat u moet doen als het gaat om kindermishandeling bespreken met het Advies en Meldpunt Kindermishandeling (AMK). Telefoon: 0900-1231230. Kinderen en jongeren kunnen trouwens ook zelf over hun situatie met het AMK overleggen. Uiteraard gebeurt dit alles onder volledige vertrouwelijkheid.

Wanneer u alleen wilt overleggen met het AMK, dan kan dit ook anoniem gebeuren. Er wordt in dat geval geen dossier van de zaak aangelegd. Wel blijven de aantekeningen die de medewerker van het AMk naar aanleiding van uw gesprek heeft gemaakt, gedurende een jaar bewaard. Dit heeft tot doel dat u bij een volgend overleg niet alles opnieuw hoeft te vertellen, maar kan doorgaan op de opmerkingen die u bij het eerste gesprek heeft gemaakt. U krijgt advies hoe u het beste met ouders of andere hulpverlening kan omgaan. Het hangt altijd van de situatie af of u denkt dat dit de beste weg is. Over andere wijzen van benadering van het kind kan men u eventueel ook adviseren.

Wanneer u een melding wilt doen, wordt er van hetgeen u vertelt een dossier gemaakt. Hierin komen de namen en adres van ouders en kind, maar ook uw naam te staan. U blijft echter altijd anoniem en het gezin zal niet via het AMK uw naam te weten komen. Dit ligt anders bij hulpverleners zoals de huisarts en kinderarts. Het is vrijwel onmogelijk om in deze situatie anoniem te blijven en daarom wordt altijd wanneer de behandelend arts een melding gaat doen bij het AMK dit aan de ouders verteld.

Indien het AMK van oordeel is dat er sprake is van kindermishandeling, zal het onderzoek gaan doen in het gezin en informatie opvragen bij de huisarts of andere bij het gezin betrokken behandelaars. Deze informatie wordt bijna altijd gegeven. Er zijn slechts enkele omstandigheden te bedenken waarin de hulpverleners niet meewerken aan het geven van informatie.

Tijdens het onderzoek heeft het AMK contact met het gezin. Hierbij wordt het gezin ook hulpverlening aangeboden. In de meeste gevallen zullen de ouders meewerken aan de hulpverlening. Als zij zich aan de geboden hulp onttrekken, kan het AKM de Raad voor de Kinderbescherming inschakelen of Bureau Jeugdzorg. Deze zullen opnieuw onderzoek doen en rapporteren aan de kinderrechter.

 

© Mijn Kinderarts 2010