Vochtbestrijding is de hoeksteen voor de aanpak van het aantal huistofmijten. Hoe droger de lucht hoe onprettiger ze zich voelen. Er wordt verondersteld dat ze bij een vochtigheidsgraad boven 55% zich gaan vermeerderen.
Vocht komt in de woning, door koken, wassen, douchen, de droogtrommel en andere menselijke activiteiten. De aanpak van vocht is daarom speciaal hierop gericht.
De relatieve vochtigheidsgraad is de hoeveelheid waterdamp die buiten of in een woning voorkomt. Een volledig verzadigde ruimte heeft een relatieve vochtigheid van 100%. Dat komt bijna nooit voor. De vochtigheidsgraad is te meten met een hygrometer, die veel mensen al wel in huis zullen hebben. De vochtigheid in de buitenlucht is bijna altijd lager dan binnen. Dat is gunstig, want daardoor trekt vocht de woning uit naar buiten toe.
De vochtigheidsgraad is ook afhankelijk van de buitentemperatuur. Hoe kouder de lucht hoe minder vocht de lucht kan bevatten. In de winter is daarom de vochtigheidsgraad lager dan op een warme zomerse dag. Dat verschil in luchtvochtigheid is te merken aan het indrogen van je huid in de winter. Vocht slaat neer tegen koude voorwerpen of oppervlakken. We kunnen het zien aan het vocht in een koude slaapkamer, dat 's morgens tegen het koude vensterglas gecondenseerd is.
Hoe herken je vocht in de woning?
- Schimmel op muren. Een woning die veel vocht bevat is te herkennen aan schimmelplekken. Die komen voor in allerlei soorten en kleuren. Sommige schimmels zijn zwart, anderen roze of groen. Ze zijn te vinden op muren in de keuken of badkamer, maar ook wel in slaapkamers. Schimmelvorming is altijd een teken van vocht.
- Schimmel op meubels. Ook op meubels kunnen schimmels zitten. Bekende plaatsen daarvoor zijn de ruimtes achter kasten, onder stoelen, enz.
- Muffe lucht. De muffe lucht die in sommige woningen hangt wordt meestal veroorzaakt door schimmels, die in de lucht zweven.
- Brokkelige muren. Door vocht kunnen pleisterlagen in badkamers en keukens loslaten of brokkelig worden. Soms zitten er hele donzige plekken op de muren, door uitgroei van zoutkristallen uit de muur.
- Lekkageplekken. Deze plekken geven een aanwijzing dat er een afvoer niet goed loopt of dat er vocht door een muur slaat.
Wat is er aan te doen?
- Zorgen voor een goede afvoer. Wanner vocht niet wordt afgevoerd blijft het in de woning. Het vocht uit de keuken, wat bij koken ontsnapt kan worden afgevoerd door een afzuigkap. Een geiser moet ook een afvoer naar buiten hebben. Bij gasverbranding komt namelijk ook waterdamp vrij. Na het douchen is er heel veel waterdamp in de badkamer gekomen, dat of via een open raam, of via een afzuiger kan worden afgevoerd. Hetzelfde geldt voor een droogtrommel waarvan ook de afvoer naar buiten moet uitmonden.
- Goed ventileren. Dit is wel niet in overeenstemming met energiezuinig handelen, maar moet toch gebeuren. Vocht uit de woning ontsnapt al door een kiertje van een openstaand raam. Door ramen enigszins tegen elkaar open te zetten, komt er ook een luchtstroom, die voor verversing van de aanwezige lucht zorgt. Frisse buitenlucht komt zo de woning binnen.
- Lekkageplekken bestrijden en kruipruimtes droog houden. Dit betekent dat afvoeren goed vrij moeten zijn en er geen ventilatiekokers of roosters dicht moeten zitten. Soms is de ondergrond waarop een woning staat van dien aard dat de kruipruimte altijd vochtig blijft. De gemeente kan wel kijken in hoeverre aan deze toestand iets kan worden gedaan.
© Mijn Kinderarts 2010