Voeding bij allergie in familie

Print deze pagina

Uit onderzoek blijkt dat de kans op het ontwikkelen van allergie minder is wanneer er gedurende het eerste half jaar alleen borstvoeding wordt gegeven. Bij kinderen die kunstvoeding krijgen wordt in plaats van de gewone standaard melk een andere melk gegeven, waarin de eiwitten meer zijn gesplitst. Deze melk die meestal hypo-allergene melk wordt genoemd heet met een medische term partieel eiwithydrolysaat. Alleen kinderen die of minstens één ouder hebben met een allergie of één ouder broertje of zusje met allergie hebben baat bij deze aanpak. Als er andere familieleden met allergie zijn is deze vorm van voeding niet nodig in de preventie van allergie. Te denken valt dan aan grootouders of ooms en tantes.

Deze melk wordt in ieder geval het gehele eerste halfjaar gegeven. Het gaat hierbij dus niet om de melk die men geeft aan kinderen met een bewezen koemelkeiwitallergie. Deze zogenoemde pepti-voedingen zijn niet bedoeld om als preventie te gebruiken, maar alleen als de baby al koemelkallergie heeft.

Eén van de grootste risicofactoren om alllergie te krijgen als baby, blijkt te worden veroorzaakt door roken tijdens de zwangerschap en na de bevalling. Dit is een extra reden om tijdens de zwangerschap te trachten niet meer te roken of volledig ermee te stoppen. Over programma's om te stoppen met roken heeft de huisarts informatie ter beschikking. Ook voor moeders die al eerder niet succesvolle pogingen hebben gedaan om te stoppen, blijkt een zwangerschap wel een extra motivatie te geven om met het roken te stoppen.

 

© Mijn Kinderarts 2010