Voeding bij koemelkeiwitallergie

Print deze pagina

Koemelkallergie komt bij een redelijk groot aantal kinderen voor. De schattingen zijn dat ongeveer 3% van alle kinderen er last van heeft. Veel meer worden ervan verdacht en krijgen speciale voeding, hoewel ze met de gewone standaardvoeding zouden kunnen uitkomen.

De verschijnselen en behandeling van koemelkallergie is vastgelegd in de in Nederland in gebruik zijnde Landelijke Standaard Voedselallergie bij Zuigelingen, het laatst verschenen in 2005.

Verschijnselen die aan een koemelkeiwitallergie doen denken zijn:

  • Huidverschijnselen, zoals eczeem, roodheid, netelroos en gezwollen oogleden; 
  • Buikverschijnselen, zoals frequent spugen, diarree, soms bloed bij de ontlasting en kolieken;
  • Luchtwegverschijnselen, zoals zagen, brommen en soms piepen;

Wanneer aan een koemelkeiwit allergie wordt gedacht zal men aan de baby een andere voeding geven. Onderzoek door middel van een huid prik test, of bloedonderzoek om de diagnose te stellen hebben geen zin. De voedingen die dan worden gegeven zijn de zogenoemde voedingen met sterk gehydrolyseerd melkeiwit. Het zijn volledige zuigelingenvoedingen, waaraan dus ook geen vitamine hoeft te worden toegevoegd.

Indien de klachten of verschijnselen verdwijnen, wordt er na vier weken opnieuw de eerder gegeven melk toegediend, die de problemen heeft veroorzaakt. Als er van een echte koemelkeiwitallergie sprake is moeten de verschijnselen die er eerst waren weer terugkomen.

Bij een sterke verdenking en het onvoldoende verdwijnen van de klachten is in uitzonderingsgevallen het gebruik van zeer sterk gehydrolyseerde melkeiwitten te overwegen. Dit wordt pas in overleg met de consultatiebureau-arts of de kinderarts ingevoerd.

 

© Mijn Kinderarts 2010