Een lekkende aortaklep of aortainsufficiëntie geeft op de kinderleeftijd meestal nog geen klachten. Klachten ontstaan pas zodra zich een overbelasting voor het hart gaat voordoen. Kinderen merken dan dat ze minder inspanning kunnen leveren dan tevoren. Ook kunnen ze kortademig worden of meer gaan transpireren bij inspaning.
Eerst iets over hoe het hart functioneert.
Het hart heeft twee boezems, een rechter en een linker en twee kamers. Eveneens rechts en links. De hartkamers hebben een sterke spierwand om het bloed door te kunnen pompen.
In het hart zitten vier kleppen om ervoor te zorgen dat het doorgepompte bloed niet terugstroomt. Er is een klep tussen de rechter boezem en rechter kamer en tussen de linker boezem en linker kamer. Voorts zijn er kleppen op de overgang van de rechter kamer naar de longslagader en kleppen op de overgang van de linker kamer naar de aorta.
Behalve de spierwand heeft het hart ook een elektrisch systeem. Vanuit een bepaalde plek, tussen de boezems en de kamers in gelegen, wordt geregeld een elektrische impuls afgegeven, die zich over het gehele hart uitbreid. Door deze impuls trekt de hartspier zich samen en wordt het bloed verder doorgepompt.
Het zuurstofarme, aderlijke bloed komt als eerste in de rechter boezem. Van hieruit wordt het via de rechterkamer naar de longen gepompt. Daar wordt het bloed van zuurstof voorzien. Het zuurstofrijke bloed komt via de linkerboezem in de linker kamer. Deze pompt het via de aorta naar de andere slagaders en vandaar gaat het naar alle weefsels en organen in het lichaam. Hier wordt de zuurstof afgegeven en het zuurstofarme bloed stroomt weer terug naar het hart.
De aortaklep ligt tussen de linker hartkamer of ventrikel en de aorta. De klep moet voorkomen dat boed dat uit de linker kamer naar de aorta wordt gepompt, weer terug loopt naar het hart. Bij een lekkende klep stroomt er weer bloed terug de linker hartkamer in. Deze moet daardoor dus harder werken. De hartspier moet sterker worden en wordt daarom dikker. Wanneer de spierkracht ontoereikend is om al het benodigde bloed door te pompen komen er klachten.
1. De afwijking kan aangeboren zijn. In de bouw van het hart zijn de aortakleppen dan niet goed aangelegd.
2. De aortakleppen kunnen ook door een te slappe ring waaraan ze bevestigd zijn gaan lekken.
3. Hoewel zeldzaam, maar nog af en toe voorkomend zijn er ook ontstekingen aan de hartkleppen mogelijk.
4. Tenslotte kan ook door een hartoperatie een lekkende aortaklep ontstaan. Dit is waarschijnlijk op de kinderleeftijd de meest voorkomende oorzaak.
Tijdens lichamelijk onderzoek is het hartgeruis van een lekkende aortaklep door een arts te herkennen. Bij echocardiografisch onderzoek wordt de lekkende aortaklep gezien. Er stroomt bloed terug vanuit de aorta naar de hartkamer. Op het Elektrocardiogram, ECG is te zien dat de linker hartkamer een verdikte spierwand heeft. Bij een aorta insufficiëntie is er een groot verschil tussen de boven en onder bloeddruk. Dit wordt veroorzaakt doordat de lekkende klep het bloed niet genoeg kan vasthouden, waardoor de druk in de bloedvaten wegzakt.
De behandeling van een aortainsufficiëntie is alleen nodig als er ernstige lekkage optreedt, langs de aortaklep. Bij kinderen zal dat weinig voorkomen. Er zijn verschillende opties mogelijk. Indien de klep ernstige lekkage veroorzaakt moet hij vervangen worden door een kunstklep, of een donorklep.
Hoe weet ik of mijn kind een hartafwijking zoals een lekkende aortaklep heeft?
Antwoord: Een hartafwijking wordt pas vermoed als er klachten zijn, of als er bij het lichamelijk onderzoek bij toeval een hartruis wordt gehoord. Daarna kan de kinder(arts)-cardioloog met een echo onderzoek vaststellen wat er aan de hand is.
Er kan naar een aortainsufficiëntie worden gezocht bij patiënten met het syndroom van Marfan. Hierbij is er een aangeboren slapte van het steunweefsel in het lichaam. Omdat het steunwefsel van de bevestigingsplaats van de kleppen ook slap is, ontstaat de aorta insufficiëntie.
© Mijn Kinderarts 2010