Ventrikelseptumdefect, VSD

Print deze pagina

Ziektebeeld

 

Een ventrikelseptumdefect (VSD) is een gaatje in het schot tussen de beide hartkamers.

Het is afhankelijk van de grootte van de opening tussende beide kamers of er klachten komen. Bij een grote opening treden er duidelijk klachten op, zoals voedingsproblemen, slecht groeien, kortademigheid en transpireren.

Een kind met een groot ventrikelseptumdefect of VSD, zal zodra het wat ouder is, worden geopereerd. Men wacht er liever nog enige tijd mee zodat het kind wat ouder en groter is geworden. Zijn de klachten echter te veel geworden en stagneert de gewichtstoename volledig, dan zal de kindercardioloog in samenspraak met de kindercardioloog besluiten tot een operatie.

Bestaat er een middelgroot VSD dan probeert men toch af te wachten om te kijken of met medicijnen niet nog een tijdje de operatie kan worden uitgesteld. 

Een klein ventrikelseptumdefect hoeft geen klachten te geven en kan afhankelijk van de plaats in het hart, in veel gevallen ook nog spontaan dichtgroeien.



Oorzaken

 

Eerst iets over hoe het hart functioneert.

Het hart heeft twee boezems, een rechter en een linker en twee kamers. Eveneens rechts en links. De hartkamers hebben een sterke spierwand om het bloed door te kunnen pompen.

 

In het hart zitten vier kleppen om ervoor te zorgen dat het doorgepompte bloed niet terugstroomt. Er is een klep tussen de rechter boezem en rechter kamer en tussen de linker boezem en linker kamer. Voorts zijn er kleppen op de overgang van de rechter kamer naar de longslagader en kleppen op de overgang van de linker kamer naar de aorta.

 

Behalve de spierwand heeft het hart ook een elektrisch systeem. Vanuit een bepaalde plek, tussen de boezems en de kamers in gelegen, wordt geregeld een elektrische impuls afgegeven, die zich over het gehele hart uitbreid. Door deze impuls trekt de hartspier zich samen en wordt het bloed verder doorgepompt.

 

Het zuurstofarme, aderlijke bloed komt als eerste in de rechter boezem. Van hieruit wordt het via de rechterkamer naar de longen gepompt. Daar wordt het bloed van zuurstof voorzien. Het zuurstofrijke bloed komt via de linkerboezem in de linker kamer. Deze pompt het via de aorta naar de andere slagaders en vandaar gaat het naar alle weefsels en organen in het lichaam. Hier wordt de zuurstof afgegeven en het zuurstofarme bloed stroomt weer terug naar het hart.

 

 



Onderzoeken

 

Bij het onderzoek van een kind met een VSD wordt bijna altijd, tenzij het om een heel forse opening gaat een hartruis gehoord. Vaak kan men op grond van het timbre van het geluid al wel vermoeden dat men met een VSD heeft te maken. Zolang het geruis nog is te horen gaan we ervan uit dat het gaatje nog aanwezig is.

 

Voor het vaststellen hoe de grootte van het VSD is en hoe de ligging is in het tussenschot, wordt er altijd een cardiale echo gemaakt.



Behandeling

 

Een klein VSD dat op een gunstige plaats is gelegen hoeft geen behandeling. Er is veel kans dat het spontaan sluit. Ook als het open blijft heeft uw kind daar volstrekt geen hinder van en kan het alles doen wat andere kinderen ook doen. Alleen zal er bij ieder doktersbezoek een opmerking komen over het geruis dat men hoort.

 

Bij een middelgroot VSD wacht men af hoe het zich allemaal ontwikelt. Vaak hebben kinderen hiermee wel ondersteuning met medicijnen nodig. Dit bestaat uit digoxine, dat de spierkracht van het hart versterkt. Ook krijgen deze kinderen ontwateringsmedicijnen omdat de nieren anders vocht vasthouden.

 

Kinderen met een groot VSD zullen over het algemeen ergens in de leeftijd rond 3-5 maanden moeten worden geopereerd.

 

Bij een VSD zonder dat er sprake is van blauwzien of cyanose hoeft geen endocarditis profylaxe te worden gegeven.



Veelgestelde vragen

Hoe komt mijn kind aan zo'n aangeboren gaatje in zijn hart?

Antwoord: In de vroege embryonale ontwikkeling als het hart wordt aangelegd, kan er in de ingewikkelde opbouw van het hart gemakkelijk iets mis gaan. We weten nog niet goed waardoor dit ontstaat. Bij sommige syndromen hebben kinderen een verhoogde kans op een aangeboren hartafwijking zoals een VSD. met name kinderenmet het syndroom van Down hebben vaak een VSD.



Meer weten

Bij een ventrikelseptumdefect gaat het niet altijd om één opening. Soms zijn er meerdere kleinere gaatjes bij elkaar. Het is dan moeilijk om te beoordelen hoe dan het beloop van de klachten zal zijn.

 

Als er een relatief kleine opening in de spierwand tussen de kamers is gelegen (musculeus VSD) is de kans op dichtgroeien groot. Ligt de opening in het bindweefsel gedeelte van het tussenschot (menbraneus VSD) dan is dichtgroeien minder frequent maar ook nog wel mogelijk.

 

 

 

© Mijn Kinderarts 2010