
Klein bijoortje net voor het oor gelegen.
Afwijkende vorm.
De vorm van het oor kan van individu naar individu erg verschillen. Alleen erg afwijkende vormen van de oorschelp hebben enige betekenis.
Er zijn een aantal op zich tamelijk zeldzame syndromen waarbij een sterk afwijkend oor wordt gezien.
Het oor bij kinderen met Down syndroom is vaak wat kleiner.
Pre-auricular pit.
Een bekende afwijking is een gaatje gelegen voor het oor ter hoogte van het kraakbenige gedeelte voor de gehoorgang (pre-auricular pit). Zulke gaatjes zijn restanten uit de embryonale tijd en komen vaak aan twee kanten voor. Het is een klein gangetje dat een stukje onder de huid in de richting van de neus verloopt. Ze hoeven geen behandeling en zijn onschuldig. Soms ontsteken ze omdat talg of huidsmeer de gang naar buiten afsluit. Als de infectie over is moeten ze dan op een rustig moment worden weggehaald.
Aangeboren afsluiting neusholte.
Een zeldzame afwijking is die waarbij de neusholte naar achteren toe door een vliezige wand is afgesloten. Dit komt enkel- of dubbelzijdig voor. Omdat baby's in de eerste tijd alleen door hun neus ademhalen komen ze bij deze afwijking bij het drinken in ademnood. De behandeling is operatief. Deze afwijking wordt met een medische term choanaal atresie genoemd.
Bijoortje.
Bijoortjes zijn enigszins vlezige tepelvormige structuren aan de voorzijde van het oor richting de wang. Vroeger werd hierbij onderzoek gedaan naar de anatomie van de nieren, door middel van echo-onderzoek. Dit is thans niet meer nodig omdat de kans op afwijkingen even groot lijkt te zijn als bij kinderen zonder bijoortje. (zie foto)
Angeboren doofheid.
Hoewel tamelijk weinig voorkomend is er ook een aangeboren vorm van doofheid. Kinderen die dit hebben kunnen ernstig gehoorgestoord zijn. Ook infecties bij de moeder in de zwangerschap, met bijvoorbeeld het CMV virus kan slechthorendheid bij de baby veroorzaken. Over het algemeen wordt een aangeboren doofheid veroorzaakt door een erfelijke afwijking. Beide ouders hebben daarbij de aanleg voor de aandoening, maar ondervinden hiervan zelf geen last. Het valt onder de recessief overervende afwijkingen.
Schisis.
Ook een schisis hoort bij de aangeboren afwijkingen van het Keel-Neus-Oorgebied. Zie hiervoor de Erfelijke en aangeboren afwijkingen.
Aangeboren afwijkingen ontstaan vanuit de embryonale ontwikkeling. In veel situaties is het niet bekend wat de precieze oorzaak daarvan is. Soms spelen infecties, zoals bij een CMV infectie in de zwangerschap, een rol.
Ook erfelijke factoren, zoals bij een recessief overervende doofheid, kunnen voorkomen.
Bij ernstige aangeboren afwijkingen van het oor, moet aan een syndromale afwijking worden gedacht. Verder onderzoek is afhankelijk van eventuele andere bevindingen.
Behandeling van de meeste aangeboren afwijkingen werd al boven genoemd.
Hoe weet ik of een afwijking aan de oorschelp niet op een syndroom berust?
Antwoord: Bij een syndroom is er sprake van meerdere afwijkingen. Het is dus nooit één enkele afwijking. Bij het syndroom van Treacher-Collins worden er sterk afwijkende oren gezien, maar zijn er ook in het gelaat bepaalde kenmerken aanwezig waardoor aan het syndroom kan worden gedacht.
Aangeboren afwijkingen worden ook gezien door overmatig alcohol gebruik in de zwangerschap. Bij dit zogenoemde Foetaal Alcohol Syndroom, (FAS) hebben de kinderen kenmerkende afwijkingen in het gelaat gekregen., zoals laagstaande oren en smalle lippen.