ADHD bij kinderen

Print deze pagina

Ziektebeeld

ADHD is de afkorting van Attention Deficit Hyperactivity Disorder. Dat wil zeggen: aandachtstekort stoornis met hyperactiviteit en of impulsiviteit. Kinderen met ADHD hebben een snelle afleidbaarheid en onoplettendheid, zijn erg druk en reageren vaak impulsief.

Er zijn kinderen waarbij deze combinatie duidelijk aanwezig is, maar er zijn ook kinderen waarbij de hyperactiviteit niet of nauwelijks aanwezig is. Deze vorm wordt wel ADD genoemd, (zonder de H van hyperactiviteit).

ADHD komt vaak voor in combinatie met andere kinderpsychiatrische problematiek, zoals een angststoornis, vormen van autisme of depressie en in combinatie met gedragsstoornissen.Ook wordt het gezien in combinatie met leerstoornissen en spraak- en taalontwikkelingsstoornissen. Ongeveer 75% van de kinderen met ADHD heeft daarnaast nog een ander probleem.

De diagnose ADHD wordt gesteld op grond van de verschijnselen die het kind thuis, op school of elders laat zien.Omdat er veel kinderen wel eens druk zijn en impulsief reageren of niet goed opletten kan niet zomaar van ADHD worden gesproken als dit een poosje bij een kind wordt gezien. De voorwaarde erbij is dat het in een zodanige mate moet voorkomen dat die sterk afwijkt van wat verondersteld mag worden hoe een kind zich op een bepaalde leeftijd gedraagt. Zo zal niemand het vreemd vinden als een peuter van drie jaar met van alles om zich heen bezig is en nog weinig geconcentreerd aan het spelen is. Voor een kind van acht jaar is zulk gedrag echter niet bij zijn leeftijd passend.

Ook is een voorwaarde dat de klachten al voor het zevende jaar moeten zijn opgevallen. Hierbij kan er echter een probleem ontstaan als het gaat om kinderen waarbij er alleen sprake is van snelle afleidbaarheid en onoplettendheid. Zeker als er ook nog sprake is van een goede intelligentie, dan kan het relatief lang duren voordat er schoolproblemen gaan ontstaan. Men moet de leeftijdsgrens daarom niet al te strikt trekken.

 

De verschijnselen die kinderen hebben worden omschreven in de DSM IV. Dit is een methode om (kinder)psychitrische ziektebeelden te beschrijven. Intussen is er een DSM V in de maak. Bij Meer weten is te zien welke klachten en verschijnselen er bij een kind aanwezig moeten zijn alvorens de diagnose ADHD kan worden gesteld.   

 



Oorzaken

Er is een sterke erfelijke factor aanwezig bij het ontstaan van ADHD. Daarnaast is hoe het zich zal gaan uiten weer afhankelijk van omgevingsinvloeden en intelligentie. In het algemeen kan worden gezegd dat kinderen met een hoge intelligentie later ermee worden herkend. Zij kunnen doordat zij dingen beter doorzien langer goed op school blijven functioneren.

Naast erfelijkheid wordt ADHD meer gezien bij kinderen met een erg laag geboortegewicht en bij kinderen die te vroeg zijn geboren.

 

Er is lang verondersteld dat ADHD een tekort was aan remmende systemen in de hersenen. Het blijkt echter dat vooral bepaalde functies slechter worden uitgevoerd dan andere. Vooral hersenactiviteit waarbij planning, korte termijn geheugen, en dergelijke functies van het werkgehuegen moeten worden gebruikt schieten tekort.

 

Recent onderzoek dat werd gedaan aan de universiteit van Nijmegen heeft ook aangetoond, dat bepaalde voedingsmiddelen ADHD verschijnselen kunnen doen ontstaan. Vroeger werd ook wel veel betekenis aan kleurstoffen en toevoegingen aan voedingsmiddelen gehecht, maar hiervoor is toch te weinig bewijs gevonden.



Onderzoeken

Voor het vaststellen van de diagnose wordt het probleem van verschillende kanten bekeken. De som van het verhaal van de ouders, observatie van het kind aangevuld met psychologisch onderzoek en ingevulde vragenlijsten geven tesamen een indruk of het om ADHD gaat.

Ook bij ADHD gebruikt men een methode die is vastgelegd in de DSM-IV. Dat is een systeem waarbij men in de psychiatrie kijkt of een bepaald gedrag wel of niet aanwezig is. Van negen kenmerken uit de categorie aandachtsstoornis moeten er dan minstens zes aanwezig zijn, net als bij de categorie vragen over hyperactiviteit en impulsiviteit. Daarnaast zijn er nog randvoorwaarden beschreven waaraan het kind of de volwassene moet voldoen. Dit zijn bijvoorbeeld dat de verschijnselen al voor het zevende jaar aanwezig moeten zijn en dat de klachten gepaard moeten gaan met disfunctioneren thuis of op school

Zie Meer weten.



Behandeling

De behandeling bestaat uit gedragstherapie, ondersteuning van ouders en leerkracht en het geven van medicatie. Recent is uit onderzoek gebleken, dat ook een dieet bestaande uit, rijst, wit vlees, groente, peren en water de klachten bij ongeveer 75% van de kinderen doet verbeteren.

Medicijnen die bij ADHD worden gebruikt vallen in twee groepen uiteen. Dit zijn de zogenoemde stimulerende middelen en de niet stimulerende middelen.

  • Stimulerende middelen. Hiertoe behoren methylfenidaat en dexamfetamine. Deze middelen hebben een stimulerend effect op de hersenen. De voor ADHD typische problemen, zoals aandachtstekort en hyperactiviteit en impulsiviteit kunnen er goed mee behandeld worden. Zij hebben als veel voorkomende bijwerking een vermindering van de eetlust en slechter inslapen. Hoewel chemisch verwant aan amfetamine en onder de opiumwet vallend zijn ze bij normaal gebruik niet verslavend. Wel moet in de loop van de behandeling bij het opgroeiend kind regelmatig de dosis worden opgehoogd. Behalve als een kortwerkend middel, dat twee tot drie maal per dag moet worden ingenomen zijn er ook de langwerkende middelen, die slechts éénmaal daags behoeven te worden ingenomen. Deze middelen worden door de meeste verzekeraars echter slechts gedeeltelijk vergoed.

 

  • Niet stimulerende middelen. Hiertoe behoren atomoxetine en clonidine. Deze laatste wordt weinig gebruikt vanwege de zwakke werkzaamheid. Atomoxetine is een middel dat ook éénmaal daags wordt ingenomen. Het duurt echter relatief lang (vele weken) voordat de effectiviteit kan worden beoordeeld. Er is wat werkzaamheid betreft weinig verschil met de stimulerende middelen. Het voordeel van de éénmaal daagse dosering met een daarmee gepaard gaande 24 uurs behandeling van de symptomen is een postieve eigenschap. Als bijwerking ondervinden kinderen vaak maagdarmverschijnselen zoals misselijkheid. Mede vanwege de prijs is atomoxetine voor veel ouders echter een te grote financiële hindernis.


Veelgestelde vragen

Wordt de diagnose niet veel te vaak gesteld?

Antwoord: Mogelijk is er vroeger te weinig aandacht geweest voor kinderen met ADHD. Er is inderdaad wel een sterke toename van het aantal medicijnen dat wordt voorgeschreven. Met name is er ook een toename van kinderen in het basisonderwijs met schoolproblemen ten gevolge van een aandachtsprobleem. Het is niet duidelijk waarom er nu meer kinderen uit deze groep herkend worden. Misschien heeft het te maken met het schoolsysteem waarbij sommige kinderen de onrust in klassen, leraarwisselingen niet goed aankunnen. Kinderen met ADHD hebben behoefte aan een duidelijke structuur rust en regelmaat die soms noch thuis, noch op school aanwezig is.

 

Zijn kleurstoffen in voedingsmiddelen de oorzaak van ADHD?

Antwoord: Er is vroeger veel aandacht geweest voor kleurstoffen en andere kunstmatige toevoegingen aan de voeding. Met name door onze Amerikaanse collega Feingold is destijds sterk de nadruk erop gelegd dat kleurstoffen ADHD gedrag zouden veroorzaken. Er werd daarom ook een speciaal dieet voorgeschreven, vrij van kleurstoffen. Wetenschappelijk gezien zijn er hele zwakke aanwijzingen voor een relatie tussen kleurstoffen in de voeding en ADHD. Wel zijn bepaalde diëten mogelijk in staat de ADHD verschijnselen te verminderen.

 

Wat is het effect van een speciaal dieet?

Er zijn ook recent onderzoeken gedaan waarbij aan kinderen met verschijnselen van ADHD een dieet werd gegeven en aan een andere groep niet. In de groep met het dieet verminderden de verschijnselen bij een grote groep duidelijk. Toch is het hiermee niet bewezen dat ADHD veroorzaakt wordt door bepaalde voedingsmiddelen. Hiervoor is het thans nog te vroeg. Wel biedt het een mogelijkheid om voor kinderen met gemotiveerde ouders iets aan hun klachten te doen, zonder het geven van medicijnen.

 

Mag ik de medicijnen zomaar meenemen als we op vakantie gaan?

Antwoord: Bij reizen met medicijnen, die onder de opiumwet vallen, is een zogenoemde Schengenverklaring nodig. Deze verklaring is te halen van de site van Farmatec. Zie ook Reisapotheek.



Meer weten

 

Voor het stellen van de diagnose wordt onder andere gebruik gemaakt van de DSM-IV classificatie. Dit is een manier waarbij men bekijkt of een bepaald kenmerk van de psychiatrische aandoening aanwezig is. Indien een aantal kenmerken tesamen aanwezig is wordt de diagnose gesteld. Hieronder staan de items waarop men kan zien of er wordt voldaan aan de criteria voor het stellen van de diagnose. Hierbij moet wel worden opgemerkt, dat er voor het echt stellen van de diagnose wel meer komt kijken dan het alleen maar aankruisen van onderstaande kenmerken.

 

A. Er is sprake van (1) of (2)

(1) Aandachtsproblemen: ten minste zes van de volgende symptomen bestaan al minstens een halfjaar in een mate die onaangepast en niet in overeenstemming is met het vesrtandelijke niveau.

  • let vaak niet goed op details of maakt slordigheidsfouten in schoolwerk, werk of andere activiteiten;
  • heeft vaak moeite om de aandacht bij een taak of spel te houden;
  • lijkt vaak niet te luisteren, wanneer iemand het woord tot hem of haar richt;
  • heeft vaak moeite om instructies volledig te volgen en maakt schoolwerk, taken of verplichtingen op het werk niet af (niet het gevolg van oppositioneel gedrag of het onvermogen om instructies te begrijpen)
  • heeft vaak moeite om taken en activiteiten te organiseren;
  • gaat taken die een langdurige mentale inzet vereisen (zoals schoolwerk of huiswerk) vaak uit de weg, heeft er een hekel aan of toont tegenzin ermee te beginnen;
  • raakt vaak dingen kwijt die nodig zijn voor taken of bezigheden (bijvoorbeeld speelgoed, opgaven van school, potloden, boeken of gereedschap);
  • wordt vaak gemakkelijk afgeleid door uitwendige prikkels;
  • is vaak vergeetachtig bij dagelijkse bezigheden. 

(2) Hyperactiviteit, impulsiviteit: ten minste zes van de volgende symptomen bestaan al minstens een halfjaar in een mate die onaagepast en niet in overeenstemming is met het verstandelijk niveau.

 

Hyperactiviteit

  • beweegt vaak onrustig met handen of voeten of wiebelt in zijn stoel;
  • staat op van zijn plaats in de klas of in andere situaties waar wordt verwacht dat iemand blijft zitten;
  • rent in situaties waar dit ongepast is vaak rond of klautert overal in (bij adolescenten en volwassenen kan dit beperkt blijven tot een subjectief gevoel van rusteloosheid);
  • heeft vaak moeite zich rustig bezig te houden met spel of vrijetijdsactiviteiten;
  • is vaak "in volle actie'of gedraagt zich of hij/zij door een motor wordt aangedreven;
  • praat vaak buitensporig veel;

Impulsiviteit

  • gooit vaak het antwoord op vragen eruit voordat deze afgemaakt zijn;
  • heeft vaak moeite om zijn of haar beurt te wachten;
  • onderbreekt of stoort anderen vaak (bijvoorbeeld valt in de rede tijdens een gesprek of bemoeit zich met spelletjes).

B. Vóór de leeftijd van zeven jaar was al sprake van enige symptomen op het gebied van hyperactiviteit, impulsiviteit of gestoorde aandacht, die aanleiding geven tot disfunctioneren.

 

C. Enig disfunctioneren als gevolg van de symptomen doet zich voor in twee of meer contacten (bijvoorbeeld op school en thuis).

 

D. Er moet sprake zijn van duidelijke tekenen van klinisch significant disfunctioneren op sociaal vlak of leervlak of op het werk.

 

E. De symptomen komen niet uitsluitend voor in het kader van een pervasieve ontwikkelingsstoornis, schizofrenie of andere psychiatrische stoornis (bijvoorbeeld een stemmingsstoornis, angsstoornis of persoonlijkheidsstoornis).

 

Bovenstaande voorwaarden geven wel weer, waaraan men moet denken bij de diagnose ADHD. Alleen op grond hiervan de diagnose te stellen is echter te snel. Er behoort ook naar de omstandigheden waaronder het kind thuis en op school functioneert te kijken en daarna pas na een zorgvuldige afweging te besluiten of men de diagnose wel moet stellen en of er niet iets anders aan de hand is.

 

Veel informatie over alles rond ADHD is te vinden op de site van de oudervereniging Balans.

 

Over alles wat met opvoeding heeft te maken is veel te vinden op de website van TripleP. Dat is een Australische methode, die staat voor "Positive Parenting Program" en gaat over het aanbrengen van structuur en regelmaat, voor het stellen van grenzen en voor het belonen van goed gedrag.  

 

 

 

© Mijn Kinderarts 2010