Waterpokken is een zeer algemeen voorkomende virusziekte. De incubatietijd bedraagt twee tot drie weken. Het doormaken van de ziekte geeft levenslange immuniteit.
In het begin is de temperatuur licht verhoogd. Er verschijnen vrijwel meteen daarna kleine rode vlekjes, die snel tot een blaasje worden. Voordat het blaasje stuk gaat ziet het er een beetje uit als een waterdruppeltje. Het blaasje gaat snel stuk. Hierna is het even een openplekje. Er blijft daarna een soort korstje achter. Het kenmerk van waterpokken is dat er diverse vlekjes, blaasjes en korstjes naast elkaar voorkomen. Het geheel kan erg jeuken.
Waterpokken komt vooral voor op de romp en later op het hoofd. De armen en benen zijn er in verhouding minder bij betrokken.
Waterpokken is besmettelijk vanaf twee dagen voor het verschijnen van de vlekjes en blaasjes en is dat tot het laatste blaasje is ingedroogd. Het is een erg besmettelijke ziekte.
Voor kinderen die behandeld worden met chemotherapie, of die een gestoorde afweer hebben, kan waterpokken een ernstige vorm van longontsteking veroorzaken of een infectie van de hersenen veroorzaken. Dat is de reden dat voor hen contact met een kind met waterpokken zoveel als mogelijk is dient te worden vermeden.
Wanneer een moeder tussen vijf dagen voor de geboorte tot en met twee dagen erna waterpokken heeft gekregen, dan moet de baby zo snel mogelijk worden behandeld met antistoffen gericht tegen het waterpokkenvirus. Zie ook infecties tijdens de zwangerschap.
Waterpokken wordt veroorzaakt door het Varicella zoster virus. Na het doormaken van de ziekte blijft het virus in onze zenuwuiteinden verscholen achter. Op een bepaald moment kan het zich dan weer als gordelroos (herpes zoster) presenteren.
In de praktijk zal het vrijwel nooit een vraag zijn of een kind waterpokken heeft en wordt er ook geen onderzoek naar ingezet.
Indien nodig kan uit het vocht van een blaasje het virus worden geïsoleerd. Zo kan de diagnose waterpokken worden bevestigd.
Dit kan van belang zijn als er contact is geweest met een kind dat een verminderde afweer heeft.
Tegen het virus is geen behandeling. Tegen de jeuk wordt wel mentholpoeder gegeven.
Maakt het verschil of je een paar blaasjes hebt of ermee helemaal onder hebt gezeten?
Antwoord: Het aantal blaasjes maakt niet uit. Er zijn inderdaad kinderen waarbij je echt moet zoeken naar een blaasje en anderen die er helemaal mee onder zitten. Voor het doormaken van de infectie en het maken van antistoffen is het aantal pokjes niet belangrijk. Wel kunnen kinderen die heel erg veel waterpokken hebben daarbij wel veel zieker zijn.
Is er een vaccin tegen waterpokken?
Antwoord: Er wordt tegen waterpokken niet gevaccineerd.
Wanneer waterpokken op heel jonge leeftijd wordt doorgemaakt is het wel mogelijk dat, omdat het immuunsysteem nog niet volledig is ontwikkeld, men het later nog een keer krijgt.
© Mijn Kinderarts 2010